In ons klimaat kun je geen tomaten telen in de vollegrond. Veel mensen willen ze wel jaarrond eten. Daarom is er kasteelt en worden er tomaten geïmporteerd. Maar wat is de beste keuze? De keuze voor biologisch is sowieso prima. Vanwege de smaak en omdat elke bio teler op een zo natuurlijk mogelijke manier werkt. Maar als er (tijdelijk) Spaanse bio tomaten in het schap liggen naast Nederlandse bio tomaten uit de kas, welke pak je dan? Voor beide is wat te zeggen. Als de Spaanse tomaten zouden worden ingevlogen, dan was dit zéér nadelig voor de CO2-uitstoot. Maar het gros van de bio producten uit mediterrane Europese landen komt over de weg hier naartoe en dat is per kilo product veel milieuvriendelijker. In de winter is de Spaanse bio tomaat dus een goede keuze.
Bio tomaten uit Nederland zul je in de winter bijna niet tegenkomen. Dat is ook goed, want het past niet bij de biologische denkwijze. Kies je in de rest van het jaar voor bio tomaten uit eigen land, dan betekent dat een steun in de rug voor de telers, voor de Nederlandse biologische sector als geheel en voor de regionale economie. Bovendien leggen de tomaten een kortere afstand af van de tomatenplant naar je bord. Verder kan het lekker ‘smaken’ als je weet dat die tomaat afkomstig is van een teler waar je op de fiets naar toe kunt gaan, bijvoorbeeld tijdens het Lekker naar de Boer-weekend in juni. De tomaat krijgt dan een gezicht, je kent het verhaal erachter.
Voor elke biologische teler geldt dat samenhang voorop staat. De teelt in het ecosysteem van de bodem, is één van de pijlers van de biologische landbouw. In de biologische kasteelt zijn de gewassen dus ook stevig geworteld in de grond. De planten krijgen hun voedsel niet op een presenteerblaadje, maar moeten zelf op zoek naar voedingsstoffen. Zo ontwikkelen ze een gezond en sterk wortelstelsel. Bovendien halen de planten precies die mineralen en andere voedingsstoffen uit de bodem die ze nodig hebben.
Leuk om te vermelden is dat de Nederlandse biologische sector in de komende vijf jaar grote stappen wil zetten met klimaatneutraal werken en duurzaam opgewekte energie. De biologische glastuinbouwers willen het gebruik van fossiele brandstoffen met 80% terugdringen. Een mooi voorbeeld is het bedrijf BiJo Logische Groenten. Zij hebben als eerste glastuinbouwbedrijf het carbon foot print certificaat behaald en werken zonder fossiele brandstoffen. Jaarlijks scheelt dit 3,5 miljoen kilo CO2-uitstoot, wat overeenkomt met 700 keer de wereld rondrijden in een personenauto. Ketenorganisatie Bionext gaat ondernemers stimuleren om dit soort voorbeelden snel te volgen. Dat is niet meer dan logisch, het past bij de biologische gedachte. Biologisch heeft een voorbeeldfunctie voor verduurzaming van de hele landbouw en als je die positie wil behouden, zul je steeds nieuwe stappen moeten zetten.